Paragraaf 2.3&4 landschapszones 1 / 2
Leerdoelen •Je weet de kenmerken van de tropische, aride, subtropische, gematigde, boreale en polaire landschapszones.•Je begrijpt dat landschappen zeer divers zijn, dat verschillen binnen landschapszones groot kunnen zijn en dat grenzen tussen landschapszones geleidelijke overgangen zijn.•Je kunt aan de hand van kaarten het verband uitleggen tussen klimaatgebieden, landschapszones en vegetatiezones voor de tropische, aride, subtropische, gematigde, boreale en polaire gebieden.
- / 2